|
Introductie Backpacken en Rondreizen in Nieuw Zeeland
Onverstoorde rust, interessante wildlife (kiwi’s, dolfijnen, walvissen tot pinguïns), een ongeschonden natuur en een authentieke Maori-cultuur, dit is in een notendop wat Nieuw Zeeland u te bieden heeft en wat dit land zo bijzonder maakt. De twee eilanden, het zuider- en het noordereiland, zijn totale uitersten. Het zuidereiland is een overweldigend wandelparadijs met de meest uiteenlopende natuurfenomenen. Je vindt er ongerepte stranden, ondoordringbare wouden, eeuwenoude kauribossen, stille fjorden, imposante gletsjers en talloze watervallen. Naast dagwandelingen behoort een meerdaagse wandeltocht tot de mogelijkheden. Het noordereiland biedt, vooral op vlak van geothermie, een mooi staaltje natuur: rokende vulkanen, blauwgroene kratermeren, geisers, kokende modderpoelen,... zijn er veel voorkomende en fotogenieke fenomenen. Op cultureel vlak valt er op het noordereiland ook heel wat te beleven: de Maori-cultuur is hier nog levendig aanwezig. Men zegt wel eens: hoe meer ruimte de inwoners van een land hebben, hoe vriendelijker ze zijn. Klopt als een bus in dit onvergetelijke land waar er 20 keer meer schapen leven dan mensen!
Aotearoa, ‘het land van de lange witte wolk’, is de naam die de Maori’s lang geleden aan Nieuw-Zeeland hebben gegeven. Het land is bij ons vooral bekend vanwege zijn indrukwekkende natuurschoon. Vele natuurlijke trekpleisters in de wereld lijken te zijn samengevoegd in dit ene land: vulkanen, fjorden, bergen, meren en regenwouden met alle fauna die dat met zich meebrengt. Gecombineerd met de vriendelijkheid van de Nieuw-Zeelanders en het unieke karakter van iedere stad, maakt dit Nieuw-Zeeland tot een zeer aantrekkelijk vakantieland.
Het Noordereiland
Bijna iedereen die zowel naar het Noorder- als het Zuidereiland reist, arriveert in Auckland op het Noordereiland en verlaat het land weer in Christchurch op het Zuidereiland. In het algemeen is het op het Noordereiland wat warmer dan op het Zuidereiland en is het landschap wat lieflijker. Hoewel ook op het Noordereiland de temperaturen in de maanden mei tot en met augustus dalen tot zo’n 14ºC, is dit eiland het hele jaar door goed te bereizen. Ten noorden van de grootste stad van Nieuw-Zeeland, Auckland, strekt zich het waterrijke gebied uit van de Bay of Islands met mooie witte zandstranden en in het achterland treft u ongerepte regenwouden. Ten oosten van Auckland bevindt zich het prachtige schiereiland Coromandel. Afzakkend langs de oostkust bereikt u de Bay of Plenty met mooie stranden. In het centrale deel van het Noordereiland is Rotorua een bekende trekpleister vanwege haar geisers en het nationale park Tongariro vanwege zijn vulkanische landschap. In het zuiden ligt Wellington, de levendige hoofdstad van Nieuw-Zeeland en hier is tevens het vertrekpunt van veerboten naar Picton op het Zuidereiland.
Het Zuidereiland
In het algemeen is het Zuidereiland bergachtiger dan het Noordereiland. De zomermaanden (november tot februari) brengen net als op het Noordereiland temperaturen van 25ºC, maar in de winter (juni tot augustus) is het hier kouder. U kunt dan wel allerlei wintersporten bedrijven. De meeste mensen bereiken het Zuidereiland te Picton met de veerboot vanuit Wellington. Vanuit Picton en Nelson zijn de schitterende natuurgebieden van de Marlborough Sounds en het Abel Tasman National Park te bereiken. Langs de noordelijke oostkust zijn bij Kaikoura vaak walvissen en dolfijnen te zien. Wie per vliegtuig aankomt, landt gewoonlijk in Christchurch. U kunt met de beroemde Tranz Alpine Express de plaats Greymouth aan de westkust bereiken. Ten zuiden van Greymouth is het vermaarde gletsjergebied met de Fox Glacier en de Franz Josef Glacier. Verder naar het zuiden zijn nog meer geweldige natuurfenomenen te vinden, zoals Mount Cook en de diverse fjorden, waarvan Milford Sound de bekendste is. Interessante steden in het zuidelijke deel van het Zuidereiland zijn Dunedin met haar Schotse invloeden en Queenstown, de meest avontuurlijke stad van Nieuw-Zeeland.
|