Lombok
De hoofdstad van Lombok heet Mataram. In het stadje Cakranagara ligt een zeer fraaie dierentuin rond een vijver, de Taman Mayura. Niet ver hiervandaan ligt een sterk Balisch aandoende tempel. Zo ook in Lingsar. Bij het dorpje Narmada ligt een zomerpaleis van een Balische koning. Vanuit het plaatsje Surandi op de helling van de vulkaan Gunung Rinjani (3.726 meter) heb je een mooi uitzicht op een deel van het eiland. Het is er aangenaam koel.
Sengkol is een plaatsje in het zuiden, waar de oorspronkelijke bewoners, de Sasaks, nog in adat-kledij lopen. (Ongeveer 90% van de ruim 2 miljoen inwoners zijn Sasaks, die het Islam-geloof aanhangen. De rest is Bali-Hindu.) Ten zuiden van Sengkol ligt Kuta, net als het Balische Kuta met een fraai strand. Het dorp leeft van de visserij. Het is er uitbundig groen.
De kustplaats Senggigi in het noordwesten heeft ook een prachtig strand, en men kan er fantastisch snorkelen en duiken. Bij Batu Bolong, niet ver van Senggigi, ligt een rots met een inham en een tempel bovenop die rots. Van daaruit heeft men bij zonsondergang en heldere hemel een zeer romantisch uitzicht op de Gunung Agung van Bali.
Komodo
Iedereen heeft wel eens van de Komodo varaan gehoord, de grootste varaan die er nog bestaat. Er zijn nog zo’n 800 over. Het zijn krachtige, maar schuwe beesten, die het niet in de eerste plaats op de mens hebben voorzien, maar tòch gevaarlijk zijn. Een Komodo-varaan kan een mens – of welk levend wezen dan ook – doden door een beet. Bloedvergiftiging, veroorzaakt door bederf van voedselresten in het gebit van de varaan is dan de doodsoorzaak. Ook kan de varaan je met een zwaai van zijn staart doden, wanneer je te dicht in de buurt komt. Vanwege de Komodo-varaan is het hele eiland Komodo tot natuurreservaat verklaard. Als je dus op veilige afstand blijft gebeurd er niets. Als je deze varaan in levende lijve ziet gaat de adrenaline onmiddellijk door je lichaam stromen. Een bezoek, ook al is er verder niet veel op dit eiland te beleven dan deze wezens en de natuue, is de moeite waard.
Flores
Ten gevolge van de Portugese kolonisatie in de 16e eeuw is het grootste deel van de bevolking van Flores katholiek. Pas in 1859 namen de Hollanders het eiland over. De Hollanders waren niet in de eerste plaats uit op bekering, en Flores bleef dientengevolge merendeels katholiek.
Flores (hoofdstad Ende) heeft als toeristische trekpleister de Danau Keli Mutu, drie bij elkaar liggende kratermeren met als opvallend verschijnsel het feit dat die drie meren elk een andere kleur hebben. Fascinerend om te zien. Tevens kun je hier fantastisch duiken in de heldere wateren met haar prachtige koraalriffen.
Timor
In 1829 veroverden de Hollanders West-Timor (hoofdstad Kupang). De reden hiervoor was het aanwezige goud dat de Portugezen hier in de rivieren bewaarden. De rest van het eiland bleef tot 1975 in Portugese handen. In 1976 annexeerde Indonesië Oost-Timor (hoofdstad Dili). Men motiveerde dat als volgt: het zag er naar uit dat de communisten in Oost-Timor de macht in handen kregen, en dat wilde men voorkomen. Tot enkele jaren geleden bood het Fretilin, het Timorese leger, dat door de omstandigheden gedwongen een guerillabeweging was geworden, verzet. De Timorezen leden grote verliezen in hun onafhankelijkheidsstrijd – één vijfde van de totale bevolking liet het leven – maar hoewel de prijs zeer hoog was, is het niet vergeefs geweest. Inmiddels is Oost-Timor onafhankelijk en protectoraat van de VN.
Timor is in toeristisch opzicht, net zoals de andere eilanden erg in opkomst. Houdt er echter wel rekening mee dat alles qua accommodatie en infrastructuur eenvoudig is. Je moet flexibel zijn en je moet je goed aanpassen om hier te kunnen reizen.
